Estland

Estland biedt een weldaad aan rust en natuur. Een derde van het land bestaat uit bos. Er zijn vele meren, een lange, stille kustlijn met grote en kleine, bewoonde en onbewoonde eilanden en wilde dieren in verschillende nationale parken.


Omgeving Karula Nationaal Park

In het uiterste Zuiden van Estland, tegen de Letse grens liggen de provincies Valgamaa en Võrumaa. De sledetochten voeren door vijf gemeenten binnen deze twee provincies. Het gebied waar we doorheen trekken is zeer dun bevolkt en bestrijkt ongeveer 400 km².

Hier regeert de natuur. Het is een landschap van kleine heuvels bedekt met bos, moeras en vele rivieren en meren. Wilde dieren hebben hier hun leefgebied. Elanden, beren, wolven, lynxen, vossen, bevers en vele vogelsoorten. De omgeving van het Karula Nationaal Park leent zich perfect voor natuurtoerisme, zoals sledehondentochten, kayakroutes over de "zwarte rivier", of vissen en jagen.

In en rond het park liggen natuurcampingplaatsen met eenvoudige voorzieningen die iedereen vrij kan gebruiken. Deze campingplaatsen zijn mooi gelegen naast een rivier of meer. Op veel plaatsen vindt u informatieborden en het park biedt uitgestippelde fiets- en wandelroutes.

Klimaat

Voor haar noordelijke ligging heeft Estland een verrassend en bijna sprookjesachtig klimaat met uitgesproken seizoenen. De winter is koud en sneeuwrijk met lange avonden bij de houtkachel.

Estland ligt op de scheidslijn tussen zee- en landklimaat. Vooral tijdens de winter kan dat leiden tot grote weersverschillen tussen de westkust, Tallin, de noordkust en het oostelijke binnenland. Niet zelden blijft het op de eilanden groen met temperaturen veelal boven nul, ligt er in Tallin wat natte sneeuw, terwijl het in het zuidoosten dag en nacht vriest en er een dik pak sneeuw ligt. De permanente sneeuwbedekking landinwaarts bij Karulas Wolftrail begint in december en kan duren tot april. Gemiddeld ligt er op 120 dagen sneeuw, die op 90 daarvan van zeer goede kwaliteit is. Temperaturen schommelen tussen de -35 en +3 graden. Als de kou uit Rusland ook de kust in zijn greep krijgt en de zee bevriest, wordt er een weg over het ijs gemaakt, zodat de bewoners van de eilanden met de auto van en naar het vaste land kunnen rijden.

De lente begint plotseling, is mooi en droog en brengt alles weer tot leven. De nachteloze zomers zijn aangenaam warm en voelen droog aan met nu en dan een verkoelend onweer. Overdag is het dan zelden onder de 20 graden, of boven de 30. In de avond koelt het goed af tot lekkere slaaptemperaturen.
Neerslag valt verspreid over het hele jaar. Met een jaartotaal van rond de 500 mm is het droger dan in Nederland en Vlaanderen. Vanaf eind augustus korten de dagen snel en beginnen de eerste blaadjes te verkleuren. De herfst is kleurrijk, waarin mens en natuur zich weer voorbereiden op de komende winter.